Elske is 13 jaar oud.
Haar moeder belt naar de praktijk en vertelt dat haar dochter soms zomaar flauwvalt. De laatste keer op een feestje.
De huisarts begrijpt het niet en heeft haar doorgestuurd naar een specialist.
De specialist heeft een EEG (hersenonderzoek) laten doen en daarop is geen afwijking gevonden.
Het lijkt op epilepsie, maar er zijn geen verkrampingen of andere bijbehorende verschijnselen.
Elske komt binnen, zonder haar moeder, een fris jong meisje.
Ik vraag haar wanneer het gebeurt en hoe het gebeurt, als ze flauwvalt.
Ze kijkt me heel open aan en antwoordt dan: "Nou, makkelijk zat, dan kom ik ergens binnen en denk: hier wil ik niet zijn, wegwezen en dan val ik flauw.
Zo gebeurt dat vaker. Op school ook weleens.
Later word ik dan weer wakker en brengen ze me naar huis.”
Vluchtgedrag, Bach bloesem Clematis schiet me te binnen.
Elske valt waarschijnlijk flauw als de situatie voor haar onplezierig of onoverzichtelijk wordt.
Ik leg het haar voor.
Ze wil de remedie wel gebruiken want al dat gedoe vindt ze zelf ook maar niks.
Een tijdje later belt haar moeder me om te zeggen dat het prima gaat met Elske en dat ze niet meer is
flauwgevallen.
Lees ook:
het verhaal van het paard Suzie